‘Ik kijk naar wat er wel kan’ 

Decoratieve afbeelding van een persoon op een voetbalveld.

Joep ziet profdroom uiteenspatten door oogziekte en start voetbalacademie voor jeugd

Dit artikel is afkomstig van Studio040, een lokale omroep uit Eindhoven. Wilt u het originele artikel lezen? Klik dan hier. 
 
Bestenaar Joep van den Berk (23) moet door de ziekte van Stargardt zijn droom om profvoetballer te worden loslaten. Toch blijft hij actief in het voetbal: bij Best Vooruit gaat hij spelen én start hij een voetbalacademie voor de jeugd, gericht op zowel sportieve als mentale ontwikkeling. “Juist omdat hij zo krachtig is en er positief mee omgaat, geeft dat ons ook kracht.” 

De zon schijnt flink boven Sportpark De Leemkuilen in Best. Op het hoofdveld loopt Joep van den Berk (23) in het shirt van zijn nieuwe club, Best Vooruit. In zijn eigen dorp begint hij aan een nieuw hoofdstuk. Niet als profvoetballer in wording, maar met een nieuw doel. Want hoewel zijn droom uiteenspatte door de ziekte van Stargardt, is Joep niet gestopt met vooruitkijken. Integendeel. 

Joep groeide op in Best en had maar één plan: profvoetballer worden. Die droom leek lange tijd realistisch. Via Wilhelmina Boys kwam hij in de jeugdopleiding van PSV terecht. “Als jong jongetje uitgenodigd worden, is natuurlijk een droom voor iedereen”, vertelt hij.

Grillig

Maar de weg omhoog bleek grillig. Na PSV, waar hij vijf jaar speelde, volgden VVV-Venlo en later FC Eindhoven. Daar speelde hij vijf jaar en schuurde hij dicht tegen het eerste elftal aan, maar een definitieve doorbraak bleef uit. Via via kwam hij uiteindelijk bij GVVV Veenendaal terecht, op het hoogste amateurniveau, als nieuwe kans.

Wat begon als ‘gewoon wat slechter zien’, werd een maandenlang onzeker medisch traject. “Ik dacht dat ik gewoon een bril of lenzen nodig had”, zegt Joep. “Maar elke keer wisten ze het niet goed.” Wekenlang ging hij langs specialisten, zonder duidelijk antwoord. “Telkens kreeg ik te horen: de volgende keer weten we meer. Maar dat bleef constant uit.”

Uiteindelijk volgde een doorverwijzing naar het Radboudumc in Nijmegen. Daar kwam na uitgebreid onderzoek en bloedtesten, een halfjaar later, de diagnose: Stargardt. De ambitie was om te blijven voetballen totdat zijn zicht hem in de steek begon te laten.

Slecht nieuws 

De ziekte van Stargardt is een erfelijke oogaandoening waarbij het centrale zicht geleidelijk achteruitgaat door schade aan het netvlies. Hierdoor wordt scherp zien, zoals lezen, gezichten herkennen en het inschatten van bijvoorbeeld een bal, steeds moeilijker. Het verloop verschilt per persoon: meestal worden mensen uiteindelijk slechtziend, maar de snelheid van de achteruitgang kan variëren. 

‘Dat was een klap’ 

“We wisten dat het foute boel was, maar wat er precies aan de hand was, wisten we niet. Het was wachten op slecht nieuws.” De impact was direct en hard. Joep vecht tegen de tranen. “Toen heb ik mijn droom om profvoetballer te worden opzij moeten schuiven. Dat was een klap”, blikt hij terug. 

Joep ziet nog maar ongeveer 25 procent. Op het veld merkt hij dat dagelijks. “Ik kan het scorebord niet lezen en de stand niet zien. Ook het inschatten van lange ballen is lastig”, aldus de optimistische Joep, die vanwege dat laatste van de spitspositie is teruggeschoven naar het middenveld. “Het is niet ideaal, maar ik probeer het zo makkelijk mogelijk te maken voor mezelf.” 

Ook buiten het veld veranderde veel. Zijn ogen raken snel vermoeid en op zijn telefoon gebruikt hij een aangepaste lettergrootte. Ook moest hij zijn rijbewijs inleveren en heeft hij bij dagelijkse dingen soms hulp nodig. Toch overheerst niet de beperking, maar de manier waarop hij ermee omgaat. “Ik heb er lang verdriet van gehad”, zegt hij. “Maar ik kijk nu vooral naar wat er wél kan, in plaats van naar wat er niet kan.” 

Een nieuwe missie 

Die blik vooruit leidde tot iets nieuws: de Best Football Academy. “Dat wilde ik al heel lang doen, maar ik heb er nooit echt tijd voor gehad”, vertelt Joep. “Maar Best Vooruit heeft me die kans gegeven en daar ben ik erg blij mee.” Al vroeg in de gesprekken met de club maakte hij zijn wens duidelijk, en met succes: hij kon zelfs een bestaand project dat was stilgevallen overnemen en verder uitbouwen. 

De academie richt zich op kinderen van 7 tot 17 jaar, met twee trainingen per week: één gericht op prestatie en ontwikkeling en één op plezier. Maar het gaat om meer dan voetbal alleen. “Het doel is om kinderen te helpen de beste versie van zichzelf te worden. Voetballend, maar juist ook mentaal.” Zijn eigen ervaringen spelen daarin een grote rol. “Ik denk dat ik mentaal wel heel sterk ben door alles wat ik heb meegemaakt. Die mentale weerbaarheid wil ik kinderen meegeven.” 

Wat Joep wil doorgeven, komt voort uit zijn eigen ervaring. “Er was altijd één uitlaatklep: voetballen. Dat heb ik mijn hele leven gedaan en het heeft me veel gebracht en geholpen. En nu kan ik de kinderen ermee helpen.” Hij hoopt voor jonge spelers te zijn wat zijn eigen trainers ooit voor hem waren. “Ik heb met trainers gewerkt die op hoog niveau speelden. Daar keek ik tegenop en ik wilde veel van hen leren. Zij hebben een grote indruk op me achtergelaten en ik hoop dat ook te bereiken.” 

Bij Best Vooruit klinken ook louter positieve geluiden. Trainer van het eerste elftal van Best Vooruit Theo van Geffen kijkt uit naar de komst van Joep. “Van kleins af aan is hij al met de bal bezig en heeft hij ontzettend veel meegekregen vanuit de BVO’s. Ook van het mentale gedeelte kunnen andere jongens leren.” 

Over de academie is hij duidelijk. “Dat is een win-winsituatie. Zijn ambities waren meteen duidelijk. Fantastisch dat we elkaar daarin gevonden hebben. We hopen sowieso vaker kinderen op het veld te krijgen dan achter de spelcomputer, dus dan zijn dit soort initiatieven meer dan welkom.” 

Offers 

Voor moeder Kim Noordenbos is het een bijzonder, maar ook emotioneel verhaal. “Het is vreemd om Joep weer hier te zien. Dat hadden we niet verwacht.” Ze herinnert zich nog goed hoe vroeg het begon. “Met 11 maanden kon hij lopen en met 12 maanden schopte hij al tegen een bal.” De droom was allesbepalend. “Voor Joep was er eigenlijk vooral plan A: profvoetballer worden. Dus daar hebben we hem in gesteund.” 

Wat veel mensen niet zien, zegt ze, zijn de offers. “Joep heeft één kinderfeestje bijgewoond. Die kinderen laten heel veel. Dat vergeet men nog weleens.” Wanneer ze terugdenkt aan het moment waarop zijn carrière kantelde, breekt haar stem. “Nooit geblesseerd geweest, fysiek supersterk… en dan is dit het laatste wat je verwacht.” Toch ziet ze ook hoe haar zoon ermee omgaat. “Juist omdat hij zo krachtig is en er positief mee omgaat, geeft dat ons ook kracht.” 

En de academie? Dat gaat een succesnummer worden, spreekt ze vol overtuiging. “Als je zo bezeten bent van voetbal, begaan bent met kinderen en er ook nog voor hebt gestudeerd — Joep is sportkundige — dan is dit gewoon een perfecte match.” 

Altijd langs de lijn 

Ook opa Chris van den Berk was er altijd bij. Letterlijk. “Ik heb hem overal gevolgd, heel Europa door”, vertelt hij trots. Hij zag, samen met Joeps vader, zijn kleinzoon stap voor stap groeien. “Hij stak er al snel bovenuit. Eigenlijk ging het altijd vanzelf.” 

Dat de weg nu anders loopt, lag niet in de lijn der verwachting van de familie Van den Berk. “We hadden juist verwacht dat hij stappen omhoog zou maken. Nu gaan ze naar beneden door de oogziekte.” Maar stoppen? Dat verwacht opa niet snel. “Zolang hij nog een beetje zicht heeft, blijft hij spelen. Als hij iets doet, doet hij het met passie.” Van den Berk senior doelt daarmee ook op de academie. “Ik ben ervan overtuigd dat het gaat lopen, honderd procent.” 

Mentaal 

Joep zelf kijkt vooral vooruit. “Het is heel fijn dat ik deze kans heb gekregen.” De toekomst blijft onzeker — zijn zicht kan verder achteruitgaan — maar dat houdt hem niet tegen. “Dat wil ik de kinderen ook meegeven: het is niet het belangrijkste om op het hoogste niveau te spelen. Mentaal goed in je vel zitten, dat is ook heel wat waard.”