Minder pijn door ademhalingstechniek

In het magazine OOG-september 2019 van de Oogvereniging heeft het artikel Minder pijn door ademhalingstechnieken gestaan. Door langzaam en zorgvuldig adem te halen, vinden patiënten ooginjecties minder vervelend. Dat merkte Lianne Bakker bij haar afstudeeronderzoek voor de opleiding tot Physician Assistent. ‘Het werkt het beste bij mensen die echt veel pijn hebben.’

Ooginjecties zijn voor de meeste mensen niet prettig. In het Flevoziekenhuis in Almere zag Lianne Bakker  inmiddels afgestudeerd als Physician Assistent  zelfs dat sommige patiënten vanwege de pijn met de behandeling wilden stoppen. Dat zou dramatische gevolgen kunnen hebben. Ooginjecties zijn immers een belangrijke behandelmethode bij natte macula-degeneratie en andere netvliesproblemen door diabetes, trombose in het oog of PXE. Door medicijnen te injecteren, wordt lekkage van de vaten geremd. Wanneer dit niet gebeurt, zullen patiënten met bovenstaande aandoeningen steeds meer zicht verliezen.

Technieken

‘Wij wilden dus niet dat die patiënten daadwerkelijk zouden vertrekken’, vertelt Lianne. ‘In die tijd kwam ik online een onderzoek tegen over de positieve effecten van ademhalingstechnieken bij pijn. Ik vroeg me af of dit zou kunnen werken bij onze patiënten die ooginjecties krijgen. Dat was nog nooit onderzocht. Dus besloot ik het uit te zoeken voor mijn afstudeeronderzoek tot Physician Assistent vorig jaar.’ Haar onderzoek begon bij ademhalingstherapeut Hellen van Leersum, die ze zijdelings kende uit het ziekenhuis. ‘Lianne vroeg of bepaalde ademhalingstechnieken de pijn zouden kunnen dempen’, vertelt Hellen. ‘Daar geloofde ik wel in. Daarom zijn we samen gaan uitzoeken welke technieken bij haar patiënten toegepast konden worden.’

Hoge ademhaling

Ze kwamen uit bij slow deep breathing: een langzame diepe buikademhaling. Bij stress zit volgens Hellen de ademhaling nogal hoog. Wanneer je doorgaat met ademen naar de buik, zal de ademhaling langzaam in het lichaam naar beneden zakken. Dat leidt tot ontspanning. Hellen: ‘Omdat Lianne als onderzoeker niet de behandeling mocht uitvoeren, heb ik aan artsassistent Lisanne Oei geleerd hoe je de techniek kunt gebruiken. Zij ging het samen met de patiënt doen. Eerst liet ze hen een paar keer diep in- en uitademen. Als de buik rustig op en neer ging, vertelde ze dat ze bij de volgende uitademing zou prikken.’

Om het effect te meten, scoorde Lianne in juni en juli 2018 eerst de pijnbeleving van de 102 patiënten zonder de ademhalingstechniek.
Dat deed ze via de VASscore; een soort liniaal waarop patiënten zelf hun pijn kunnen aangeven. Van geen pijn (helemaal links) tot ondraaglijke pijn (helemaal rechts). ‘Ze mogen zelf aanwijzen waar ze ongeveer zitten.
Vervolgens draai ik de liniaal om en zie ik daar een cijfer staan. Het zijn scores van 0 tot 100.

Onder de 40 is een normale pijnbeleving, maar daarboven wil je eigenlijk niet komen. In de twee maanden die daarop volgden, kregen dezelfde patiënten de injecties met behulp van slow deep breathing. ‘We ontdekten dat de techniek het beste werkte bij de mensen die eerst een score hadden van boven de 70’, vertelt haar supervisor, oogarts Paulien Huis in het Veld.

Bijzonder

‘Deze groep ging zelfs gemiddeld 23 punten vooruit en had dus substantieel minder pijn. Al moeten we ons wel realiseren dat dit een klein onderzoek is en dat beleving moeilijk meetbaar is. Het is ook afhankelijk van hoe je in je vel zit.’ De grote meerwaarde van dit onderzoek zit volgens haar in de enthousiaste reacties van patiënten. ‘Ook van de mensen die eigenlijk wilden stoppen’, voegt Lianne toe. ‘Door de ademhalingstechnieken is het voor hen minder erg geworden en willen ze blijven komen. Dat is heel bijzonder.’ Ze gelooft dat deze simpele methode op veel meer plekken ingezet kan worden. Maar of het dan werkt, moet dan weer worden onderzocht. ‘Een vriendin van mij werkt op de afdeling urologie en doet veel sterilisaties. Door ons onderzoek is zij de techniek ook gaan toepassen. Sinds ze dit doet, merkt ze dat mannen de behandeling minder erg vinden. Dat is nog maar een voorbeeld, volgens mij kan deze aanpak nog veel meer mensen helpen.’

(Tekst: Rianne van der Molen)