Wat kan ik eten tegen leeftijdsgebonden macula-degeneratie?

Drs. Sheila de Koning-Backus


Er komt een man bij de dokter en vraagt: “Dokter, wat kan ik eten om de ontwikkeling van Leeftijdsgebonden Maculadegeneratie te vertragen?” Dokter: “Eet voldoende groente, fruit en vis en volg de richtlijnen voor leeftijdsgebonden maculadegeneratie op”.

In een gesprek met de voorzitter van de MaculaVereniging Bram Harder vertelt hij dat hij in 2009 te horen heeft gekregen dat hij aan zijn rechteroog de natte vorm van macula-degeneratie heeft. “Uw rechteroog zal snel verslechteren en binnen vijf jaar is uw linkeroog aan de beurt”, is de diagnose van de oogarts. “Maar misschien kunnen ooginjecties het verdere verloop van de aandoening remmen. Hierin zit een antilichaam tegen het stofje dat voor de bloedvatgroei en lekkage zorgt.”

Via de MaculaVereniging komt Bram erachter dat ooginjecties in zijn geval de natte vorm van leeftijdsgebonden macula-degeneratie (LMD, internationaal gebruikt men AMD: age-related macular degeneration) kunnen behandelen, maar dat leefstijl en voeding kunnen meehelpen en mogelijk de voortschrijding kunnen vertragen, vooral in zijn linkeroog. Het is het enige dat hij zelf kan doen, dus zet hij daarop in.

Bram begint met het dagelijks innemen van het AREDS2-voedingssupplement dat speciaal voor AMD is ontwikkeld. Hij verandert door het advies gaandeweg het eetpatroon waar hij mee is opgegroeid en dat bestond uit aardappelen, vlees (karbonaadjes), groente en jus. Zijn rechteroog wordt regelmatig geïnjecteerd en heeft nog een visus van 75%. Zijn linkeroog heeft tot op heden een goede visus en heeft nog geen injecties gehad.

Wat is leeftijdsgebonden macula-degeneratie en hoe vaak komt het voor?

AMD is een ouderdomsziekte van de macula, het deel van het netvlies waar je scherp mee ziet. Als de ziekte vergevorderd is, kan het leiden tot slechtziendheid of zelfs (gedeeltelijke) blindheid. De bevolking wordt alsmaar ouder, waardoor ook het aantal mensen met AMD zal toenemen.¹ Naar schatting heeft 14% van de Nederlanders tussen 55 en 64 jaar een vorm van AMD.

Drs. Sheila de Koning-Backus is epidemioloog nutrigenomics in het Erasmus Medisch Centrum. Bij nutrigenomics wordt relatie tussen genen, voeding en gezondheid onderzocht.

Sheila is werkzaam als promovenda op de afdelingen Oogheelkunde en Epidemiologie van het Erasmus MC, onder leiding van prof.dr. Caroline Klaver, op het gebied van voeding in relatie tot AMD. Haar onderzoek richt zich op het project Bevorderende strategieën voor veranderingen in leefstijl en voeding. Therapietrouw van de Leeftijdsgebonden Macula-degeneratie-aanbevelingen (AMDLife). In een pilotstudie onder gezonde deelnemers onderzocht zij hoe je met biomarkers voedingspatronen, leefstijl en de inname van voedingssupplementen kan meten.

Eerder onderzocht zij het effect van eetpatronen op het risico van AMD binnen het Rotterdamse bevolkingsonderzoek ERGO. In 2019 kwam de tweede editie uit van het Handbook of Nutrition, Diet and the Eye. In een van de hoofdstukken beschrijft zij samen met Jessica Kiefte-de Jong en Caroline Klaver nutriënten en voedingspatronen die belangrijk zijn voor ogen.


Afbeelding 1: De verschillende stadia en kenmerken van AMD (afgeleid van Cook et al, 2008).

Dit stijgt tot bijna 20% bij de 65- tot 75-jarigen en tot 37% bij de 75-plussers. Dit komt in totaal neer op ongeveer 132.000 mensen.¹

De vroege vorm van AMD (early/ intermediate AMD) wordt gekenmerkt door een ophoping van vetten en ontstekingsmateriaal onder het pigmentepitheel (zie afbeelding 1). Deze ophopingen, die eruitzien als gele vlekjes, heten ‘drusen’ of ‘pigmentveranderingen’ en treden meestal zonder visuele implicaties op. De vergevorderde vorm van AMD (late AMD) heeft twee verschijningsvormen: ‘natte’ en ‘droge’ AMD. De natte vorm van late AMD, ook wel choroïdale neovascularisatie, wordt gekenmerkt door een abnormale groei van bloedvaatjes onder de macula. Deze nieuwe vaatjes zijn erg kwetsbaar, gaan snel stuk en veroorzaken vocht en bloedingen. Deze vorm van AMD vraagt om snelle behandeling door injecties in het oog met anti-VEGF (een antilichaam), dat de bloedvatvorming en vocht tegengaat. De droge vorm van AMD, geografische atrofie, wordt gekenmerkt door grillige gebieden in het netvlies waar het pigmentepitheel geheel verdwenen is. Helaas is therapie met anti-VEGF-injecties alleen beschikbaar voor natte AMD, en zelfs voor deze vorm is ernstig visueel verlies op lange termijn onvermijdelijk.²

AMD onstaat door een samenspel van erfelijke en leeftijdsfactoren

Veroudering en aandoeningen vanwege een erfelijke belasting overkomen ons. Brams moeder, Dien Harder-Arp, kreeg toen zij 64 jaar oud was te horen dat zij AMD had. De oogarts zei dat er niets aan te doen was. Bram vraagt zich nu af: “Hoe kan ik, als het gaat over AMD, mijn leefstijl positief beïnvloeden? Wat levert een gezondere leefstijl op voor mensen met een door erfelijke belasting verhoogd risico op AMD? Valt AMD te voorkomen en, als het zich voordoet, te vertragen?”

De belangrijke risicofactoren voor het ontwikkelen van AMD zijn ouderdom, erfelijke belasting en een ongunstige leefstijl. De kans dat u AMD zal ontwikkelen is aanzienlijk verhoogd als iemand binnen uw directe familie AMD heeft.³,⁴ Een gunstig of ongunstige leefgewoonte heeft men doorgaans zelf in de hand – op dat gebied is roken één van de belangrijkste risicofactoren voor AMD.

Mensen die meer dan een pakje sigaretten per dag roken, lopen tot drie keer meer risico om natte AMD en tot wel vijf keer meer risico om droge AMD te ontwikkelen.⁵,⁷ Rokers met erfelijke aanleg voor AMD krijgen deze aandoening veertig tot honderd maal vaker vergeleken met niet-rokers zonder erfelijke aanleg. Overgewicht verhoogt het risico enigszins en een body mass index (BMI) van meer dan 25 geeft 30% meer risico op het ontwikkelen van AMD.⁸

Een gezond voedingspatroon, sporten of regelmatig intensieve lichamelijke activiteit werkt beschermend.⁹,¹⁰ Een gezond voedingspatroon dat voldoende vis, groente en fruit bevat verlaagt het risico anderhalf keer (25 tot 40%) en een paar keer in de week dertig minuten stevig wandelen verlaagt het risico op de progressie van AMD al met bijna de helft.¹¹,¹²

Richtlijn voor leeftijdsgebonden macula-degeneratie (2014)

In 2014 kwam op initiatief van het Nederlands Oogheelkundig Gezelschap (NOG) de richtlijn Leeftijdsgebonden Macula-degeneratie uit. Hierin wordt gewezen op gezonde voeding, gezond gewicht, voldoende lichaamsbeweging, niet roken en het innemen van AMDvoedingssupplementen volgens de AREDS2-formule (zie hieronder). De richtlijn is gebaseerd op wetenschappelijk onderzoek en kennis uit de praktijk.

Met welke voedingsmiddelen kan ik AMD voorkomen of vertragen?

Er zijn veel verschillende soorten voedingsbestanddelen (nutriënten) onderzocht in relatie tot AMD. Zij vormen essentiële bouwstenen van het oog of zorgen ervoor dat het oog goed functioneert (zie afbeelding 2). De meest onderzochte voedingsbestanddelen zijn luteïne en zeaxanthine, zink, vitamine C, vitamine E en omega 3-vetzuren (EPA en DHA). Er is aangetoond dat zij het risico op verdere ontwikkeling van AMD verlagen.¹³,¹⁴

Afbeelding 3: Naleving van de dagelijkse voedingsaanbevelingen van het Nederlandse Voedingscentrum in het bevolkingsonderzoek onder Rotterdammers. Cijfers van het Centraal Bureau voor Statistiek laten zien dat deze cijfers in overeenstemming zijn met de gehele Nederlandse bevolking. Mensen die de combinatie aanbevolen hoeveelheid groente, fruit en vis eten, hebben 42% minder kans om AMD te ontwikkelen.¹¹

Afbeelding 2: Het oog en de meest onderzochte nutriënten om het netvlies in goede conditie te houden.


Bewijs voor deze gunstige effecten komt voort uit onderzoek met supplementen en inname via voeding.¹¹⁻¹⁵ In de macula gaat het daarnaast niet alleen over luteïne of zeaxanthine, maar over beide in de juiste verhouding en concentratie tot elkaar.

De inname van β-caroteen vermindert het risico op AMD vooral bij mensen met een hoog erfelijk risico. Andere voedingsbestanddelen, zoals α-caroteen, β-cryptoxanthine, lycopeen en vitamine D zijn minder grondig bestudeerd. Er is op dit moment geen duidelijk bewijs dat inname van deze voedingsbestanddelen het risico op AMD verlaagt.

Waarom zijn complete voedingspatronen zo waardevol?

Een veelgehoorde en terechte opmerking is dat we geen losse voedingsbestanddelen eten. Inderdaad, die krijgen we, los van de supplementen die we innemen, vooral binnen via onze voeding. Deze voedingsbestanddelen worden gegeten in samenhang met elkaar. Hoe effectief de opname in de darmen is, wordt mede bepaald door de verschillende combinaties, de concentraties waarin ze voorkomen en de stoffen waarin ze kunnen oplossen. Luteïne en zeaxanthine lossen bijvoorbeeld goed op in vetten en worden zo via de darmwand opgenomen in ons lichaam. En optimale concentratieverhoudingen van verschillende voedingsbestanddelen kunnen van belang zijn bij allerlei (fysiologische) processen binnen in ons lichaam. Uit onderzoek blijkt dat een gevarieerd voedingspatroon dat veel gezonde voedingsbestanddelen bevat, veel beter beschermt tegen AMD dan een weinig gevarieerd voedingspatroon.

Europees onderzoek heeft aangetoond dat een voedingspatroon rijk aan groene bladgroenten, fruit, vis, volle granen, noten en olijfolie het risico op het ontwikkelen van een late AMD met de helft kan verminderen.¹² Dit voedingspatroon overlapt met de voedingsaanbevelingen van het Nederlandse Voedingscentrum. Onderdeel van de oorspronkelijke Schijf van Vijf was om minimaal 200 gram groente en twee stuks fruit per dag te eten, net als twee keer per week vette vis. Uit bevolkingsonderzoek onder Rotterdammers blijkt dat slechts 4% van de 55-plussers deze aanbevelingen van de overheid volledig opvolgt11 en dat juist deze 4% maar liefst 44% minder kans op het ontwikkelen van leeftijdsgebonden maculadegeneratie heeft (zie afbeelding 3)!¹¹

Onderzoekers van de Tufts University School of Medicine in Boston in de VS hebben met een onderzoeksmethode – genaamd qualitative comparative analysis – de relatie tussen voedingscategorieën en hun associaties met late AMD gevisualiseerd.¹⁵ De visualisatie van dit onderzoek laat een gunstig, een ongunstig en een neutraal of onbekend voedingspatroon zien.

Hieronder (afbeelding 4) treft u een aangepaste afbeelding van de voedingspatronen. Groen omcirkeld zijn de voedingsmiddelen die gunstig zijn voor de ogen en rood omcirkeld zijn ongunstige voedingsmiddelen. Hoe groter de cirkel, hoe groter het effect. In de groene cirkels staan groene bladgroenten, fruit, vis, volle granen, peulvruchten, noten en olijfolie. In de grote rode cirkel treft u vooral bewerkte voedingsmiddelen (kant-enklaarmaaltijden en voedingsmiddelen in pakjes en zakjes met vaak toegevoegde stoffen, zoals kunstmatige smaakstoffen en chemische ingrediënten), bewerkt vlees (bewerkt om de smaak of houdbaarheid te beïnvloeden), dranken en voedingsmiddelen die rijk zijn aan suiker of zout. Het algemene advies is om deze niet te consumeren. Ook is het aanbevolen om zo min mogelijk rood vlees, varkensvlees, boter, margarine en plantaardige oliën (met uitzondering van olijfolie) te gebruiken.

Zet uw dagelijkse maaltijd eens in de groene en rode cirkels

Vallen uw keuzes voor voedingsmiddelen vooral in de groene cirkels, de rode cirkels of eet u een mix van beide? Hoe meer de balans naar de groene cirkels gaat, hoe gunstiger dat is voor uw ogen.

Afbeelding 4: Visualisatie van de relatie tussen voedingscategorieën en hun associaties met late AMD. Groen geeft gezond aan. Rood geeft ongezond aan en zwart staat voor neutraal/onbekend. De grootte van elke cirkel is evenredig met de sterkte van de associatie tussen de overeenkomstig voedingscategorieën en late AMD – Afgeleid van Chiu et al. 2017.¹⁵

Eten wij de juiste groenten, fruit en vis?

In mijn gesprek met Bram zegt hij ineens: “Sheila, nu denk ik wel dat ik heel gezond eet, maar als ik jou zo hoor, vraag ik mij toch af wat ik het beste kan eten? En hoeveel?”

Als wij specifiek kijken naar de voor gezonde mensen aanbevolen dagelijkse hoeveelheid van bijvoorbeeld luteïne, zeaxanthine en omega 3-vetzuren, dan is dat voor luteïne 4,8 milligram per dag (mg/d), voor zeaxanthine 1,2 mg/d en voor omega 3-vetzuren (DHA/EPA) 200 mg/d. De nieuwe algemene richtlijn ‘gezonde voeding’ (de Schijf van Vijf) van de Gezondheidsraad (2020) adviseert 250 gram groente en 200 gram fruit per dag en één keer per week (bij voorkeur vette) vis.

In Nederland eten wij vooral ui, tomaat, bloemkool, sperziebonen, worteltjes en een appel, peer, banaan of sinaasappel.¹⁶ In deze groenten en vruchten zitten weinig voedingsbestanddelen die onze ogen beschermen tegen de ontwikkeling van AMD. De geschatte inname van luteïne uit voeding is daarmee 1 tot 2 mg per dag. Vis ligt nog lastiger, want Nederlanders zijn niet echt viseters; er wordt tien keer zoveel vlees als vis gegeten. En als er al vis wordt gegeten, is het zoute haring of kibbeling. De gewenste voedingsbestanddelen komen in veel hogere concentraties voor in bijvoorbeeld spinazie, boerenkool, veldsla, oranje paprika’s, goudsbloem (Calendula officinalis), makreel, zalm en tonijn.

Waarom zijn voedingssupplementen zo belangrijk bij AMD?

Uit een onderzoek met voedingssupplementen (AREDS2) onder meer dan 4.000 deelnemers, blijkt dat het slikken hiervan bij mensen die al AMD hebben de progressie naar late AMD met 25% kan vertragen.¹³ De samenstelling van de AREDS2-oogformule is per dagdosering: vitamine C (500 mg), vitamine E (400 IU), luteïne (10 mg), zeaxanthine (2 mg), zink (25 tot 80 mg) en koper (2 mg). De richtlijn Leeftijdsgebonden Maculadegeneratie uit 2014 verwijst hiernaar.

Het is vrij lastig voor patiënten die al AMD hebben om de aantoonbaar werkzame doseringen uit voeding te halen; voor bijvoorbeeld luteïne is dit maar liefst 10 mg (zie AREDS2-oogformule), vijf tot tien keer zoveel als gemiddeld.

Werkzame doseringen, een rekenvoorbeeld


Voorbeeld van een ‘gezond voor je ogen gerecht’:
Zalm en avocado salade met verse spinazie,
brocoli, blauwe bessen en olijfolie.

Een van de meest gegeten groenten in Nederland is bloemkool. Dit bevat 0,01 mg luteïne per 100 gram. Om de aanbevolen dagelijkse hoeveelheid van 4,8 mg luteïne te bereiken, zou u bijna 48 kilogram bloemkool per dag moeten eten. Om de AMD-relevante dosering van 10 mg luteïne binnen te krijgen, zou dat minstens 100 kilogram moeten zijn. Maar in boerenkool zit 610 keer meer luteïne dan in bloemkool. Voor de ADM-relevante dosering van 10 mg luteïne zou u daar slechts 164 gram (0,16 kilogram) van per dag moeten eten.

Een combinatie van voedingsmiddelen kan leiden tot een efficiëntere opname van voedingsbestanddelen, waardoor het gecombineerde effect groter wordt. Als u iedere dag spinazie, boerenkool, veldsla of andijvie eet, gecombineerd met oranje paprika, dan komt u een heel eind in de goede richting om voldoende luteïne en zeaxanthine binnen te krijgen. Maar met vele andere groenten komt u zeker niet aan de hoeveelheden die aanbevolen zijn voor AMD. Voedingssupplementen zoals AREDS2 zijn dus zelfs bij een gevarieerd voedingspatroon aanbevolen om voldoende van de voedingsbestanddelen binnen te krijgen.

Stuur uw recept op

In 2010 bestond de MaculaVereniging tien jaar en werd het boek ‘Geef uw ogen goede kost’ uitgegeven. Het bevat heel veel recepten. De uitgave is niet meer te bestellen, maar op de website is wel de pdf in te zien of te downloaden.

Er zijn vast lezers die nieuwe ‘goede kost voor de ogen’-recepten kunnen aandragen. Daarom willen wij u oproepen deze naar de redactie te sturen via redactiemv@ maculavereniging.nl, zodat we die op een later moment kunnen delen met de andere verenigingsleden. Zo kunnen we de komende tijd met elkaar werken aan de tweede editie van Geef uw ogen goede kost.

Bram Harder,
voorzitter MaculaVereniging

Welke adviezen moet u onthouden?

Er komt een vrouw bij de dokter. Ze vraagt: “Dokter, ik heb een artikel gelezen in de MaculaVisie: Wat kan ik eten tegen leeftijdsgebonden maculadegeneratie. Maar wat moet ik hiervan onthouden?”

Volgens de dokter is belangrijk te onthouden dat:

  • vette vis beschermt tegen AMD;
  • toevoeging van groene bladgroenten en fruit extra bescherming biedt;
  • deze ingrediënten het beste beschermen bij veelzijdige voeding;
  • voedingssupplementen met de beschermende antioxidanten de progressie naar een eindstadium met 25% kunnen vertragen bij mensen met een vroege vorm van AMD;
  • roken een van de belangrijkste risicofactoren is;
  • sporten of regelmatig intensieve lichamelijke activiteit juist beschermend werkt.

Door te weten wat men eet, door bewuster te worden van wat er in voeding zit en wat het effect is van bepaalde leefgewoonten, kan men zelf bewustere keuzes maken en de balans van ongunstige naar gunstigere leefgewoonten verleggen. Als we de aandacht en daarmee de balans kunnen verleggen, hebben we al een grote stap gemaakt in de richting om onszelf te beschermen.

Maar uit onderzoek blijkt dat het opvolgen van de aanbevelingen van de oogarts nog niet zo eenvoudig is. Stoppen met roken is voor veel mensen erg moeilijk. En een nieuw, ander voedingspatroon is voor veel mensen niet of moeilijk vol te houden. Ook krijgen we vaak te horen dat de motivatie om iedere dag voedingssupplementen in te nemen na verloop van tijd vermindert. Uit onderzoek blijkt dat 65% van de patiënten met AMD helemaal geen supplementen gebruikt of dat in onjuiste doseringen doet.

‘Bevorderende strategieën voor
veranderingen in leefstijl en voeding’

Therapietrouw van de Leeftijdsgebonden
Macula-degeneratie-aanbevelingen

Nieuw onderzoek

Inmiddels wordt uit onderzoek steeds duidelijker dat een gezonde levensstijl het AMD-ziekteproces kan uitstellen of vertragen. Er is nog niet goed onderzocht hoe patiënten het best gemotiveerd kunnen worden om de aanbevelingen op te volgen en hoe zij die leefstijlverandering ervaren. Het Erasmus MC gaat met het AMD-Life onderzoek uitzoeken welke ondersteuning mensen nodig hebben om hun voedingsgewoonten en leefstijl blijvend te veranderen. Het onderzoek start in het laatste kwartaal van 2020 en wij nodigen patiënten met een beginstadium van AMD of met een late AMD aan slechts één oog uit voor deelname! Voor meer informatie en aanmelding kunt u kijken op www.maculadegeneratie.nl. U kunt ook een e-mail sturen naar amd.life@erasmusmc.nl. Het kan zijn dat de COVID-19- maatregelen worden aangescherpt en wij hierdoor op een later tijdstip van start kunnen gaan. Dit zal zich de komende weken uitwijzen. Aanmelden en informatie opvragen kan altijd!

Het AMD-Life onderzoek

Het doel van dit onderzoek is om te bekijken of motiverende strategieën patiënten kunnen helpen om hun leefstijl en voeding te veranderen en hoe zij deze leefstijlverandering ervaren. Vragen die wij met dit onderzoek gaan beantwoorden zijn:

  • Zijn de gegeven adviezen haalbaar en worden ze begrepen?
  • Is kennis over een persoonlijk risicoprofiel of ondersteuning van een coach nuttig om leefstijlverandering te bewerkstelligen?

Het voorgestelde onderzoek wordt uitgevoerd onder drie groepen van vijftig mensen die ouder zijn dan 55 jaar en die de diagnose vroege/intermediaire AMD of late AMD aan één oog hebben. Het onderzoek duurt twee jaar. Gedurende de eerste twaalf maanden verstrekken wij voedingssupplementen (AREDS2) en uitleg over de aanbevelingen. Afhankelijk van de groep waarin de deelnemer zit, krijgt iemand coaching of extra informatie over zijn of haar persoonlijke risico op het verergeren van AMD. Gedurende de eerste twaalf maanden zijn er twee bezoekmomenten aan ons onderzoekscentrum en vindt een aantal malen bloedonderzoek plaats. In maand 24 wordt het onderzoek afgerond met een laatste bezoek aan ons onderzoekscentrum voor een bloedonderzoek (biomarkerprofiel) en een inventarisatie van het volgen van de AMDaanbevelingen. Een schematische weergave van de studie wordt in afbeelding 5 getoond.

Afbeelding 5: Schematische weergave van de AMD-Life studie. Deelnemers, in totaal 150, worden via loting toegewezen aan de drie verschillende groepen.

Persoonlijk risicoprofiel

Het doel van een persoonlijk risicoprofiel is om de kans op een bepaalde uitkomst zo goed mogelijk in te schatten (voorspellen). Een persoonlijk risicoprofiel voor het verloop van AMD wordt volgens een gevalideerd voorspellingsmodel berekend. Erfelijke informatie, leeftijd en gegevens over leefstijl worden gecombineerd en leiden tot een voorspelling over het beloop van AMD. Onze hypothese is dat patiënten gebaat zijn bij deze persoonlijke benadering, om hiermee bewuster en gemotiveerder aan de eigen gezondheid te werken.

De familie Harder heeft een licht verhoogd erfelijk (genetisch) risico. Toen Bram in 2009 te horen kreeg dat hij aan zijn rechteroog een natte vorm van AMD had, herinnerde hij zich ook weer de oogaandoening van zijn moeder Dien Harder-Arp, die 64 jaar oud was toen zij AMD kreeg. Bij haar was het ook het rechteroog. Hij vroeg aan zijn moeder, die op dat moment 88 jaar oud was, of ze daar nog wat mee kon zien. “Nee, daar zie ik niet veel meer mee,” antwoordde ze, “maar mijn linkeroog is nog prima!” Klopt, want er ontging haar niets en met haar leesbril las ze nog iedere dag de krant. In oktober 2019 is ze, na een val uit bed, op 98-jarige leeftijd aan een heupfractuur overleden.

Met toestemming van Bram is zijn DNA als voorbeeld opgestuurd naar het Radboudumc voor ‘genotypering’ van 52 genetische varianten die met AMD geassocieerd zijn.⁴ Een genotype is erfelijke informatie over een bepaalde eigenschap waar men geen invloed op heeft, zoals bijvoorbeeld de kleur van de ogen. Hiermee is zijn genetische risicoscore (GRS) voor AMD berekend.¹⁸,¹⁹ Brams GRS is 1,46: deze risicoscore valt een beetje in het midden, want die is niet hoog en niet laag, maar intermediair (zie afbeelding 6).

Afbeelding 6: Verdeling van genetische scores in AMD-patiënten en niet-AMDpatiënten in Europa. In recent Europees onderzoek, het EYE-RISK project, hebben onderzoekers onder leiding van prof. dr. Caroline Klaver (Erasmus MC) en prof. dr. Anneke den Hollander (Radboudumc) de genetische risicoscore (GRS) berekend in verschillende populatiestudies. In deze populatiestudies heeft 37% van de personen (ouder dan 65 jaar) met een GRS tussen de 1 en de 2 geen AMD, 32% heeft intermediaire AMD, en 31% heeft late AMD.¹⁸,¹⁹

Bij mensen met een intermediair genetisch risico, kan een gezonde leefstijl helpen om de balans bij een risico op AMD de juiste kant te laten opgaan. Bram neemt al negen jaar dagelijks de AREDS2-oogsupplementen. Hij heeft nooit gerookt en hij doet regelmatig aan fysieke activiteit.

Hij eet voldoende groene bladgroenten en vette vis. Zijn rechteroog heeft na elf jaar nog een visus van 75% en zijn linkeroog heeft tot op heden een goede visus en nog geen injecties gehad – terwijl de voorspelling in 2009 nog was dat het rechteroog snel zou verslechteren en binnen vijf jaar ook zijn linkeroog ook aan de beurt zou zijn.

Brams zonen, Nathan (44 jaar) en Jaïr (39 jaar), hebben mogelijk een verhoogd risico op AMD, want hun oma Dien had het, net als hun vader. Aan hun genetische achtergrond kunnen zij niets doen, maar zij kunnen wel besluiten tot een gevarieerd voedingspatroon en een gezond leven. Zijn zij zich daar bewust van en doen ze iets aan preventie? Kan een GRS, die onderdeel uitmaakt van de persoonlijke risicoscore, hen motiveren om hun ogen goede kost te geven en er een gezonde leefstijl op na te houden?

In het eerste nummer van 2021 zullen wij hier uitgebreid op ingaan. Nathan en Jaïr Harder delen dan hun persoonlijke ervaringen met ons, wij vertellen meer over genetica, de genetische risicoscore en we geven een voorbeeld van een persoonlijk risicoprofiel.

Referenties:

  1. Colijn JM, Buitendijk GHS, Prokofyeva E, et al. Prevalence of Age-Related Macular Degeneration in Europe; The Past and the Future. Ophthalmology 2017; 124: 1753-63.
  2. Mehta H, Tufail A, Daien V, Lee AY, Nguyen V, Ozturk M, et al. Real-world outcomes in patients with neovascular age-related macular degeneration treated with intravitreal vascular endothelial growth factor inhibitors. Progress in retinal and eye research. 2018.
  3. Klaver CC, Wolfs RC, Assink JJ, van Duijn CM, Hofman A, de Jong PT. Genetic risk of age-related maculopathy. Population-based familial aggregation study. Arch Ophthalmol. 1998;116(12):1646-1651. doi:10.1001/archopht.116.12.1646
  4. Fritsche LG, Igl W, Bailey JN, Grassmann F, Sengupta S, Bragg-Gresham JL, et al. A large genome-wide association study of age-related macular degeneration highlights contributions of rare and common variants. Nature genetics. 2016;48(2):134-43.
  5. Vingerling JR, Hofman A, Grobbee DE, de Jong PT. Age-related macular degeneration and smoking. The Rotterdam Study. Arch Ophthalmol.1996;114(10):1193-6.
  6. Chakravarthy U, Augood C, Bentham GC, de Jong PT, Rahu M, Seland J, et al. Cigarette smoking and age-related macular degeneration in the EUREYE Study. Ophthalmology. 2007;114(6):1157-63.
  7. Lechanteur YT, van de Camp PL, Smailhodzic D, van de Ven JP, Buitendijk GH, Klaver CC, et al. Association of Smoking and CFH and ARMS2 Risk Variants With Younger Age at Onset of Neovascular Age-Related Macular Degeneration. JAMA ophthalmology. 2015;133(5):533-41.
  8. Chakravarthy U, Wong TY, Fletcher A, et al. Clinical risk factors for age-related macular degeneration: a systematic review and meta-analysis. BMC Ophthalmol. 2010;10:31. Published 2010 Dec 13. doi:10.1186/1471-2415-10-31
  9. McGuinness MB, Le J, Mitchell P, Gopinath B, Cerin E, Saksens NTM, et al. Physical Activity and Age-related Macular Degeneration: A Systematic Literature Review and Meta-analysis. American journal of ophthalmology. 2017;180:29-38.
  10. Mares JA, Voland RP, Sondel SA, et al. Healthy lifestyles related to subsequent prevalence of age-related macular degeneration. Arch Ophthalmol. 2011;129(4):470-480. doi:10.1001/archophthalmol.2010.314
  11. de Koning-Backus APM, Buitendijk GHS, Kiefte-de Jong JC, et al. Intake of Vegetables, Fruit, and Fish is Beneficial for Age-Related Macular Degeneration. Am J Ophthalmol. 2019;198:70-79. doi:10.1016/j.ajo.2018.09.036
  12. Merle BM, Silver RE, Rosner B, Seddon JM. Adherence to a Mediterranean diet, genetic susceptibility, and progression to advanced macular degeneration: a prospective cohort study. The American journal of clinical nutrition. 2015;102(5):1196-206.
  13. Age-Related Eye Disease Study 2 Research, G. (2013). “Lutein + zeaxanthin and omega-3 fatty acids for age-related macular degeneration: the Age-Related Eye Disease Study 2 (AREDS2) randomized clinical trial.” Jama 309(19): 2005-2015.
  14. SanGiovanni JP, Chew EY. The role of omega-3 long-chain polyunsaturated fatty acids in health and disease of the retina. Prog Retin Eye Res. 2005;24(1):87–138
  15. Chiu CJ, Chang ML, Li T, Gensler G, Taylor A. Visualization of dietary patterns and their associations with age-related macular degeneration. Invest Ophthalmol Vis Sci. 2017;58(3):1404–141
  16. https://www.voedingscentrum.nl/encyclopedie/groente.aspx
  17. Nederlands Voedingsstoffenbestand (NEVO) van de Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport: https://nevo-online.rivm.nl
  18. JM Colijn et al. Genetic risk, lifestyle, and AMD in Europe. The EYE-RISK consortium. Submitted at Ophthalmology
  19. de Breuk A, Acar IE, Kersten E, et al. Development of a Genotype Assay for Age-Related Macular Degeneration: The EYE-RISK Consortium [published online ahead of print, 2020 Jul 24]. Ophthalmology. 2020;S0161-6420(20)30725-9. doi:10.1016/j.ophtha.2020.07.037